T toets berekenen

Een t toets berekenen kan met variabelen die minimaal interval meetniveau hebben. Op drie manieren kan de t toets worden berekend: als vergelijking met een vast getal, een onafhankelijke steekproef of gepaarde t toets.

 

T toets met een vast getal

De eerste mogelijkheid is om een gemiddelde uit je steekproef te vergelijken met een vast getal, bijvoorbeeld uit een eerder onderzoek of een ideaalbeeld. Er kan dan gekeken worden of in de steekproef dit getal afwijkt.

Hierbij gebruikt je de volgende formule:

T=(x ̅-a)/(s/√n)

Hierbij geldt:

  • x ̅: het gemiddelde van variabele X van je steekproef
  • a: het vaste getal
  • s: standaarddeviatie van variabele X van je steekproef
  • n: de omvang van je steekproef

 

T toets bij onafhankelijke steekproeven

Bij deze t toets vergelijk je eigenlijk twee gemiddelden met elkaar: één van de ene steekproef en één van de andere steekproef. Je kijkt dus bijvoorbeeld of twee groepen significant van elkaar verschillen in aantal uur beweging.

Hierbij gebruik je de volgende formule:

t toets onafhankelijke steekproef

Hierbij geldt:

  • x ̅: het gemiddelde van variabele X van steekproef 1 (x ̅_1) of 2 (x ̅_2)
  • s: standaarddeviatie van variabele X van steekproef 1 (s_1) of 2 (s_2)
  • Let op: in de formule wordt s2 gebruikt (variantie). Mocht je in een som de variantie krijgen, dan hoef je dus niet te kwadrateren.
  • n: de omvang van steekproef 1 (n_1) of 2 (n_2)

T toets bij afhankelijke steekproeven

Ook bij deze t toets vergelijk je twee gemiddelden uit steekproeven met elkaar – alleen nu van dezelfde objecten. Bijvoorbeeld om te kijken of de motivatie van werknemers omhoog is gegaan na een motivatietraining.

T= d ̅/(s_d/√n)
Hierbij geldt:

  • d ̅: het gemiddelde verschil over elk gegevenspaar
  • s_d: standaarddeviatie van d (dus de gemiddelde afwijking van het gemiddelde d).
  • n: de omvang van steekproef (je telt de steekproeven niet op, het zijn immers dezelfde personen! Dus als steekproef 1 totaal 15 personen telt en steekproef 2 ook 15 personen, is n toch 15).

T toets berekenen: is het significant?

Net als bij de chi kwadraat komt er uit de t toets een toetsingsgrootheid: T. Deze kan zowel positief als negatief zijn. Er zijn dus ook meer mogelijkheden wanneer de t toets significant is.

Er zijn twee mogelijkheden waarbij een waarde significant is:

  • Positief getal: je t-waarde moet groter dan de kritieke waarde zijn
  • Negatief getal: je t-waarde moet kleiner dan de kritieke waarde zijn

Onderste tekening maakt in één oogopslag duidelijk wanneer een t waarde significant is. Hierbij heb ik gebruik gemaakt van fictieve cijfers.

t toets berekenen

 

Succes!

 

Groetjes,

Marilyn

Marilyn

Was dit waardevol voor jou? Je kunt nu doneren door via deze link te shoppen. HBOstatistiek krijgt dan een kleine commissie, maar het kost jou niets extra’s!
Koop bij bol.com
In 60 sec de juiste toets kiezen

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *